“Sam heeft gezegd dat vrouwen beter voor baby’s kunnen zorgen. En dat alleen maar vrouwen baby’s kunnen krijgen.”
We stonden in de supermarkt, tussen de courgettes aan de ene kant en de appels aan de andere kant. Een minuut geleden hadden we het nog over het avondeten gehad en de keuze tussen bloemkool en broccoli voor bij de rijst.
“Wat zeg je, Jip?”
“Dat alleen maar vrouwen baby’s kunnen krijgen. En dat vrouwen beter voor baby’s kunnen zorgen. Dat heeft Sam gezegd.”
Ik weet het niet zeker maar ik denk dat veel ouders hier instemmend – of onverschillig – geknikt zouden hebben. Dat is toch gewoon zo, dat alleen maar vrouwen baby’s kunnen krijgen? En tja, volgens mij kunnen ze er ook beter voor zorgen, of niet dan? Wil je nou bloemkool of broccoli bij de rijst?
Als queere ouder kijk ik hier anders naar, en bij een kind van amper vier jaar moet je het ijzer smeden als het heet is – ook al komt het eigenlijk even niet uit.
We gingen van de drukke groente-en-fruitafdeling naar een wat rustigere plek in de super. Tussen de pasta en de muesli zei ik: “Ik heb voor jou gezorgd toen je een baby was, en ik ben geen vrouw. En ik zorg ook op dit moment voor jou.” Dit argument leek Jip aan het denken te zetten.
Wat Sam uit de opvang – een kind van nog geen vier jaar – had gezegd, zette mij aan het denken, en het raakte me ook. Waar zou Sam dat idee vandaan hebben gehaald dat alleen maar vrouwen geschikt zijn om voor baby’s te zorgen? Dat bedenkt een kind niet zelf. Dat moest Sam van iemand gehoord hebben.
Het raakte me omdat het in twijfel leek te trekken waar ik de afgelopen drieënhalf jaar mee bezig was geweest: met veel toewijding zorgen voor Jip, als persoon die zich man noch vrouw voelt. Maar in het leven van Sam was er iemand die nog nooit had gezien – of in ieder geval niet waargenomen – dat iemand die geen vrouw was (en ook geen man) goed voor een kind zorgde. Er was iemand die zich niet kon voorstellen dat het opvoedwerk dat ik verricht, even goed is als het werk dat ouders verrichten die zichzelf als moeders zien. En die het nodig vond om deze hersenkronkel door te geven aan een peuter.
Advertentie
Ik dacht aan Father Time, een boek van de Amerikaanse antropoloog Sarah Blaffer Hrdy. Het is een van de vele boeken die ik niet uit hebben kunnen lezen omdat ik bij het lezen continu onderbroken werd door Jip (waarvoor dank want het was een leuk boek maar spelen met jou was veel leuker). Door de hoofdstukken die ik wél gelezen heb, ben ik te weten gekomen dat mannen zelfs biologische veranderingen ondergaan als ze vanaf de geboorte voor een kind zorgen. Er is op bepaalde vlakken geen hormonaal verschil te zien tussen mannen en vrouwen die nauw contact met een baby hebben. Het is niet onderzocht, maar dat zal voor mensen van elke sekse en elk gender opgaan. Iedereen die er belangstelling voor heeft (en er idealiter vroeg aan begint), kan uitstekend voor een kind zorgen. En dat heb ik volgens mij gedaan.
Natuurlijk ben ik niet boos op Sam. Peuters praten veel kromme dingen na. Maar ik ben een beetje boos op degene die Sam wijs heeft gemaakt dat alleen maar vrouwen goed voor een kind kunnen zorgen. En ik vind het jammer dat ik niet weet wie het was. Ik had diegene graag eens mijn perspectief laten zien. Ik had willen vertellen over alle liefde en tijd die ik in de zorg voor Jip heb gestopt. En ik had willen zeggen dat ik vind dat het voor queere mensen makkelijker zou moeten zijn om een kind te verwelkomen en op te voeden. Want er is geen reden om aan te nemen dat queers minder voortplantingsdrang hebben dan cishet mensen. Er is geen enkele reden om aan te nemen dat ze het als ouders minder goed zouden doen. Maar veel queere mensen zullen er maar vanaf zien omdat het zo’n gedoe is als het op ‘natuurlijke’ wijze niet kan of niet lukt. Ook dat is een manier waarop queer ouderschap onzichtbaar blijft en het cishet verhaal van moeders die als enige behoorlijk voor hun kind kunnen zorgen, in stand blijft.
Nadat ik Jip verteld had hoe vaak ik hen had verschoond, hoe vaak we samen door het park hadden gewandeld, hoeveel boekjes we samen hadden gelezen, was het tijd om op de tweede van de kwestieuze uitspraken van Sam in te gaan. Alleen maar vrouwen zouden kinderen kunnen krijgen. Ik weet het natuurlijk niet, maar ik vermoed dat elke andere ouder in Jips opvang hierop met een volmondig ja zou hebben geantwoord. Dat weet toch ieder kind?! Heb je geen biologieles gehad dan?
Advertentie
Ik heb aan Jip proberen uit te leggen dat een baby kan ontstaan als een eicel bevrucht wordt door een zaadcel. Mensen die zaadcellen produceren, noemen we biologisch mannelijk. Mensen die eicellen produceren, noemen we biologisch vrouwelijk. Maar het zaadje en het eitje nemen geen kennis van het gender van hun producenten – en dat is waar we het meestal over hebben als het over ‘mannen’ of ‘vrouwen’ gaat.
Ik weet bij geen van de mannen die ik ken of ze zaadcellen produceren. Ik heb nooit kunnen checken of de vrouwen die ik ken, ooit eicellen hebben geproduceerd. Maar dat is ook volstrekt irrelevant. Je bent geen vrouw omdat je eicellen produceert. En je produceert geen eicellen omdat je vrouw bent. (Idem dito voor de zaadcellen en de mannen.) Je bent een vrouw omdat je je zo identificeert. Als je een lichaam hebt dat eicellen produceert, blijft je lichaam dat gewoon doen, ook al ben je geen vrouw. Het feit dat mede door mijn zaadcel de baby is geboren die inmiddels een peuter is en in de supermarkt vragen aan mij stelt, dwingt mij niet om mezelf als mannelijk te zien. Het staat los van elkaar.
Juist op dat punt vind ik een queer perspectief veel toevoegen aan het verhaal dat je aan een kind vertelt. Het binaire verhaal – als je zaadcellen/eicellen produceert, ben je mannelijk/vrouwelijk – is simplistisch, biologistisch en voelt voor mij verstikkend. Het is een verhaal dat het lichaam de geest laat bepalen.
Maar hoe leg je dat uit aan een peuter? Heel simpel, door een lichamelijk proces (bevruchting, zwangerschap, geboorte) als zodanig te beschrijven. Het verschil tussen sekse en gender is op deze leeftijd vaak nog niet duidelijk. Gebruik daarom geen gendergerelateerde termen of termen waarbij het onduidelijk is of het je over sekse of gender hebt. Toen we in de supermarkt stonden, heb ik uitgelegd dat mensen met een penis en teelballen vaak zaadcellen produceren en mensen met een vulva vaak eicellen produceren. Voor we aan de vraag toekwamen hoe de zaadcel en eicel bij elkaar komen, ontdekte Jip in het pastaschap diens favoriete pastasoort: kijk, ze hebben fusilli! De aandachtsspanne van een peuter is beperkt. We gingen dus vanavond fusilli eten want met rijst hoefde ik echt niet meer aan te komen zetten na de revelatie dat deze supermarkt fusilli verkoopt (zoals volgens mij ongeveer elke supermarkt).
Wat zal beklijven van wat ik tussen de pasta en de muesli heb proberen uit te leggen? Dat weet ik niet. Maar ik zie Jip niet zo gauw tegen een ander kind zeggen dat alleen maar vrouwen kinderen kunnen baren en dat ze er ook beter voor kunnen zorgen. Als Jip ernaar vraagt, zullen we het er nog een keer over hebben. En nog een keer. En nog een keer. En als het goed is, ontstaat gaandeweg een idee van het verschil tussen sekse en gender en pasta rijst het beeld dat zorg en liefde geen verband houden met sekse of gender.
Delen
Steun Queer Nederland
We zijn trots dat Queer Nederland onafhankelijk en community-driven is. Maar onafhankelijk publiceren kost tijd, energie en middelen. Om te blijven bestaan en te groeien hebben we jouw steun nodig. Wil je bijdragen aan een queer magazine dat ons allemaal een stem geeft? Overweeg dan een donatie via onze steunpagina. Elke bijdrage, groot of klein, maakt het verschil. Dankzij jouw steun kunnen wij blijven bouwen aan een platform waar queer verhalen de ruimte krijgen die ze verdienen.


